Visie

LEVENSBESCHOUWELIJKE UITGANGSPUNTEN
De Bijbel is voor ons het uitgangspunt in het leren en het onderwijzen. Daarin lezen we dat ieder mens en dus ieder kind uniek door God is gemaakt. En dat God van ieder persoon houdt. Deze basis willen we meegeven aan de kinderen. Dat doen we door te vertellen uit de Bijbel, door te bidden en door christelijke liederen te zingen. Ook zal dit in gesprekken met de klas naar voren komen. Daarnaast vieren we de christelijk feesten met elkaar. Verder besteden we aandacht aan de normen en waarden uit de Bijbel, zoals: elkaar helpen, respect hebben voor elkaar, zorgen voor de natuur, zorgen voor de armen, enz. We proberen hierdoor een bijdrage te leveren aan hun geestelijke vorming, zodat deze basis hen richting zal geven in hun verdere leven.
PEDAGOGISCHE UITGANGSPUNTEN
Onderwijzen is meer dan kennis overbrengen. Een kind kan pas prettig leren als er een veilige omgeving is. Daarom willen we allereerst aandacht besteden aan deze basisbehoefte: een plek waar het kind zichzelf mag zijn en wordt geaccepteerd. De leerkrachten werken  aan een goede relatie met de kinderen, maar ook aan een goede relatie tussen de kinderen onderling. We doen dit door in de klas te praten over hoe we met elkaar omgaan. We maken met de kinderen afspraken hierover. Deze afspraken hangen op in de klas. Het doel hiervan is het creĆ«ren van een duidelijke en veilige plek waar respect is voor elkaar. Ook willen we de kinderen sociale vaardigheden aanleren, zoals: hoe ga je om met een conflict, hoe leer je voor je eigen mening uit te komen, hoe kun je samenwerken, enz.
ONDERWIJSKUNDIGE UITGANGSPUNTEN
Zoals hierboven al gezegd, gaan we ervanuit dat ieder kind uniek is. De kinderen zullen zich dus ook niet allemaal op dezelfde manier en in hetzelfde tempo ontwikkelen. Daar willen we ons onderwijs op aanpassen. Dat doen we door adaptief onderwijs te geven en handelingsgericht te werken. In de praktijk betekent dit dat we een groepsoverzicht opstellen. Hierin schrijven we de onderwijsbehoeften van de kinderen, met daarbij de belemmerende en stimulerende factoren. Zo zal het ene kind extra uitleg nodig hebben en een ander kind juist extra uitdaging willen. Maar ook kan hierin staan dat een kind meer tijd nodig heeft of behoefte heeft aan een rustige werkplek. Na het maken van het groepsoverzicht zal er een groepsplan worden gemaakt. Hierin wordt concreet voor een aantal weken opgeschreven wat de kinderen gaan leren, welke instructie ze nodig hebben of welke materialen. De kinderen worden ingedeeld in groepen met dezelfde behoeften. Het doel is de kinderen te stimuleren om tot een voor hem/haar zo goed mogelijk resultaat te komen. We willen ook werken aan de zelfstandigheid van de kinderen en het vergroten van hun eigen verantwoordelijkheid. Daarom laten we de kinderen een periode zelfstandig werken. Ze kunnen op dat moment geen vragen stellen, maar proberen zelf een oplossing te vinden.